titel_digstdelft
De registers van de Burgerlijke Stand van de hier genoemde plaatsen zijn compleet vanaf de heroprichting van de gemeente in 1818 tot de opheffing.
Abtsregt
was achtereenvolgens ambachtsheerlijkheid (tot 1795), municipaliteit (1795-1798) en gemeente (1798-1811). Er was geen kerk. De inwoners gingen voor hun kerkelijke plichten naar omliggende plaatsen. In 1812 werd de gemeente Abtsregt opgeheven. Het grondgebied werd toegevoegd aan de gemeente Pijnacker. In 1818 werd Abtsregt een zelfstandige gemeente. Deze werd opgeheven in 1855. Het grondgebied werd toegevoegd aan de gemeente Vrijenban.
Ackersdijk en Vrouwenregt
was achtereenvolgens ambachtsheerlijkheid (tot 1795), municipaliteit (1795-1798) en gemeente (1798-1811). Er was geen kerk. De inwoners gingen voor hun kerkelijke plichten naar omliggende plaatsen. In 1812 werd de gemeente Ackersdijk en Vrouwenregt opgeheven. Het grondgebied werd verdeeld tussen de gemeenten Delft en Pijnacker. In 1818 werd Ackersdijk en Vrouwenregt een zelfstandige gemeente. Deze werd opgeheven in 1855. Het grondgebied werd toegevoegd aan de gemeente Vrijenban.
Biesland
was achtereenvolgens ambachtsheerlijkheid (tot 1795), municipaliteit (1795-1798) en gemeente (1798-1811). Er was geen kerk. De inwoners gingen voor hun kerkelijke plichten naar omliggende plaatsen. In 1812 werd de gemeente Biesland opgeheven. Het grondgebied werd toegevoegd aan de gemeente Vrijenban. In 1818 werd Biesland een zelfstandige gemeente. Deze werd opgeheven in 1832. Het grondgebied werd toegevoegd aan de gemeente Vrijenban.
Groeneveld
was met Hoog en Woud Harnasch achtereenvolgens ambachtsheerlijkheid (tot 1795), municipaliteit (1795-1798) en gemeente (1798-1811). Er was geen kerk. De inwoners gingen voor hun kerkelijke plichten naar omliggende plaatsen. In 1812 ging de gemeente Groeneveld en Hoog en Woud Harnasch op in de nieuwe gemeente ‘t Woudt. Groeneveld werd een zelfstandige gemeente in 1818. Deze werd opgeheven in 1855. Het grondgebied werd toegevoegd aan de gemeente Hof van Delft.
Hoog en Woud Harnasch
was met Groeneveld achtereenvolgens ambachtsheerlijkheid (tot 1795), municipaliteit (1795-1798) en gemeente (1798-1811). Er was geen kerk. De inwoners gingen voor hun kerkelijke plichten naar omliggende plaatsen. In 1812 ging de gemeente Groeneveld en Hoog en Woud Harnasch op in de nieuwe gemeente ‘t Woudt. Hoog en Woud Harnasch werd een zelfstandige gemeente in 1818. Deze werd opgeheven in 1832. Het grondgebied werd toegevoegd aan de gemeente Hof van Delft.
Ruiven
was achtereenvolgens ambachtsheerlijkheid (tot 1795), municipaliteit (1795-1798) en gemeente (1798-1811). Er was geen kerk. De inwoners gingen voor hun kerkelijke plichten naar omliggende plaatsen. In 1812 werd de gemeente Ruiven opgeheven. Het grondgebied werd toegevoegd aan de gemeente Pijnacker. In 1818 werd Ruiven een zelfstandige gemeente. Deze werd opgeheven in 1845. Het grondgebied werd toegevoegd aan de gemeente Pijnacker.

Alle hier genoemde akten zijn openbaar.
‘t Woudt
Het kerkdorp ‘t Woudt was tot het begin van de negentiende eeuw onderdeel van verschillende heerlijkheden. De doopboeken (vanaf 1719) en de (onder)trouwboeken (vanaf 1804) zijn ingevoerd in de Digitale Stamboom. In 1812 werd ‘t Woudt een gemeente, waarin Groeneveld, Hoog en Woud Harnasch en delen van Hof van Delft opgingen. In 1817 werd de gemeente ‘t Woudt opgeheven. Het grondgebied werd verdeeld tussen Hoog en Woud Harnasch, Groeneveld en Hof van Delft. De registers van de Burgerlijke Stand van ‘t Woudt zijn compleet vanaf de oprichting van de gemeente in 1812 tot de opheffing in 1817.
Copyright © bron: Digitaal archief Delft Geschiedenis over de andere rand gemeente van Delft
Terug naar kaart "Hof van Delft"
Terug naar kaart "Vrijenban"